Eplan 40 Jaar | Van MS-DOS 3.3, geheimzinnige dongles en nachtelijk plotten naar de P8-revolutie
Eplan 40 Jaar | Van MS-DOS 3.3, geheimzinnige dongles en nachtelijk plotten naar de P8-revolutie1
De pioniersjaren: Een megamonitor en 20 MB geheugen3
Buitenaards snel en nachtelijk spanningstheater3
Sneltoetsen en legendarische sessies in Zevenaar4
Van Novell-netwerken tot Burgers' Zoo4
In het kader van ons 40-jarig jubileum duiken we regelmatig in de schatbewaarplaats van verhalen. Want achter vier decennia aan software-innovatie schuilen de verhalen van de engineers die er vanaf het eerste uur mee werkten. André nam ons mee terug in de tijd — naar het jaar 1987, toen AutoCAD nog de standaard was, harde schijven van 20 MB een luxe waren en software-installaties voelden als een race tegen de klok.
De pioniersjaren: Een megamonitor en 20 MB geheugen
Het is 1987. Als jonge engineer reist André dagelijks van Hengelo (Overijssel). naar het Gelderse Dinxperlo, waar hij via een uitleenconstructie aan het werk is bij Stork Schuurman (het latere Stork Nijhuis). In die tijd is AutoCAD de absolute norm op de tekenafdeling. Maar bij Stork Schuurman maakt hij voor het eerst kennis met een pakket dat zijn manier van werken voorgoed zal veranderen: Eplan.
Het eerste 'Eplan-station' is een indrukwekkende verschijning. Niet alleen door de mogelijkheden, maar letterlijk door het gewicht. Centraal staat een gigantische 20-inch Eizo-kleurenmonitor — een zwaargewicht dat de huidige Arborichtlijnen moeiteloos zou laten bezwijken. De bijbehorende pc is uitgerust met een immens lange videokaart (een Hitachi, zo herinnert André zich), een riante harde schijf van 20 MB en IBM-DOS versie 3.3. MS-DOS bleek destijds simpelweg niet 'sterk' genoeg om Eplan optimaal te laten draaien.
En dan was er nog de hardwarebeveiliging: achter in de pc, op de parallelle poort, prijkt een dongle met een bijna mysterieus glazen oog dat zicht biedt op de ingebouwde chip. De plotter wordt direct op de achterzijde van diezelfde dongle aangesloten.
Buitenaards snel en nachtelijk spanningstheater
Wanneer de Eplan-medewerker de software in no-time installeert en korte tekst en uitleg geeft, valt direct de strakke, simpele openingsinterface op. Jaren later komt daar als kers op de taart 'Side-Kick' bij om snel extra programma’s te kunnen starten. En dat alles draait vlekkeloos binnen het toenmalige standaard RAM-geheugen van slechts 640 kB.
Naast de gigantische monitor staat de A3-penplotter. Met zijn mechanische X-Y-arm en losse stiften tekent hij trouw de schema's uit. Maar werken met een plotter vraagt om engelengeduld en strategisch inzicht: de stiften hadden immers de neiging op de meest ongunstige momenten leeg te raken. Om de tijd efficiënt te benutten, worden tekeningen ’s nachts geplot. Binnenkomen op het werk heeft de volgende ochtend iets weg van een spannend jongensboek: zouden alle pagina’s geplot zijn en zou alles er strak en correct op staan?
Als het werk toeneemt, moet er een tweede systeem komen. Niemand minder dan Eplanner van het eerste uur Rob Polman komt langs. "De installatie ging als de brandweer — later hoorde ik dat Rob ook daadwerkelijk bij de vrijwillige brandweer zat," lacht André. Met een tweede IBM-pc, een Sony-monitor en een data-switch tussen beide systemen kan de plotter nu door twee engineers gevoed worden.
Sneltoetsen en legendarische sessies in Zevenaar
Eplan 3.3 — dat in die beginperiode in Nederland nog onder de vlag van Wiechers & Partners viel — werkt in die tijd razendsnel. Tenminste, mits je de toetsenbordcommando's uit je hoofd kent. Een muis? Die is in de jaren '80 slechts bijzaak. Voor de engineers met een wat minder fotografisch geheugen ligt er steevast een handig spiekbriefje naast het toetsenbord.
"Ik betrap me erop dat ik ook nu nog steeds een groot aantal commando’s met het toetsenbord oproep. Er is ooit een tijd geweest dat Eplan die sneltoetsen minder ondersteunde, maar daar kwam vanuit de markt zoveel commentaar op dat het heel snel werd teruggedraaid!"
In 1987 is Eplan Nederland nog een klein, hecht team van zo'n zes medewerkers. André herinnert zich naast Rob Polman ook Ernest Kappers, Laurens Pape en Reimer-Jan Monsma. De Hotline loopt in die tijd via Cito Benelux. Vragen worden direct beantwoord en software-updates worden kosteloos op diskette per post thuisbezorgd.
Nieuwe versies worden in detail gepresenteerd op de enige vestiging die er op dat moment is: Zevenaar. Deze sessies zijn ronduit legendarisch. Onder aanvoering van Ernest Kappers worden bezoekers met aanstekelijk enthousiasme meegenomen in de nieuwste features. Na afloop wordt er aan de lunchtafel in het nabijgelegen restaurant nog urenlang fanatiek doorgepraat over de nieuwste innovaties in de elektrotechniek.
Van Novell-netwerken tot Burgers' Zoo
De ontwikkelingen volgen elkaar snel op. Na versie 3.3 verschijnen er nieuwe DOS-versies, met Eplan 5.7 als de absolute publieksfavoriet. Ondertussen groeit het bedrijf (inmiddels ingelijfd bij Stork Nijhuis en later Stork RMS) naar zeven Eplan-stations, gekoppeld in een Novell-netwerk. André wordt aangewezen als beheerder van dit Eplan-netwerk. De vertrouwde penplotter maakt plaats voor een hypermoderne laserprinter. En dat is meer dan welkom: vanaf dat moment worden niet alleen schema's, maar ook alle benodigde kastlabels razendsnel afgedrukt.
Vervolgens breekt het tijdperk van de grote keuzes aan. Wat wordt de opvolger van de DOS-generatie? Eplan 6? En op welk platform? Windows, Linux, of toch OS/2? Het antwoord volgt in de zomer van 2006 met een absolute mijlpaal: de introductie van Eplan Electric P8.
De wereldwijde primeur vindt plaats in Nederland, op een wel heel bijzondere locatie: Burgers' Zoo. De dag is indrukwekkend. Omdat sommige onderdelen van het splinternieuwe platform nog in de allerlaatste ontwikkelfase zitten, worden ze via videobeelden gedemonstreerd. Het maakt de indruk er niet minder op.
"Al met al was het een indrukwekkende dag. Ook voor dierenliefhebbers. Ik geloof trouwens dat ik het rieten ‘Goodie’-koffertje van die dag nog op zolder heb staan. Zonder goodies, dat dan weer wel."
The Rest is History... en op naar Abraham!
Inmiddels zijn we vele generaties P8 verder. De eerste P8-versie uit 2006 is qua functionaliteit en cloud-integraties nauwelijks meer te vergelijken met de krachtige Eplan-software waar engineers vandaag de dag mee ontwerpen.
Zoals André het prachtig samenvat: "The rest is history. En als Eplan over tien jaar Abraham ziet, zullen we ongetwijfeld weer exact hetzelfde zeggen."
Deel jouw herinneringen met ons.
Heb jij net als André herinneringen aan de tijd van de penplotters, DOS-commando's, de legendarische sessies in Zevenaar of de introductie van P8 in Burgers' Zoo? Laat het ons weten via marketingcommunicatie@eplan.nl en wie weet staat jouw verhaal binnenkort op ons blog!